Birma is beroemd om het lakwerk, ook wel lacquerware genoemd. Van oorsprong komt deze oude ambacht uit China.
Men maakt huishoudelijke voorwerpen zoals potjes, doosjes maar ook mooie Boeddhabeelden en offervazen.
Het is een arbeidsintensief karwei. De oudste voorwerpen zijn gemaakt van een gevlochten frame van bamboe waar men paardenhaar doorheen draait. Later werd voor het frame ook teakhout gebruikt.
Dit frame wordt vele malen gelakt met een sap dat men aftapt van de thitsi boom uit de Shan-staat. In de Ava periode en eerder werd voor Boeddhabeelden deze lak soms gemengd met zand, dit noemt met ook wel zandlakwerk.
Iedere laag sap mengt men met een andere kleurstof. Daarna voorziet men het voorwerp van mooie decoraties.
Bagan is nu het centrum van het lakwerk. Betelnoot doosjes en kistjes worden nog veel gemaakt, maar mooie Boeddhabeelden en offerschalen zie je niet veel meer, want dit vraagt speciale vakkennis.
Werkplaats waar lakwerk gemaakt wordt
Thangka's
Lachende Boeddha's
Monniken
Kwan Yin beelden
Birmese nats
Boeddhahoofden
Kroonboeddha
Opiumgewichten
Liggende Boeddha